Review – Mazda CX-60 Plug-in Hybrid
AutoRAI.nl
De Mazda CX-60 werd enkele jaren geleden groots aangekondigd en bracht meteen veel enthousiasme teweeg. Mazda staat immers bekend om zijn capabele SUV’s, geliefd onder bijvoorbeeld caravanrijders, dankzij de uitstekende rijeigenschappen en het rijplezier. Maar de CX-60 was niet foutloos en liet her en der wat steken vallen. Inmiddels is hij tussentijds vernieuwd en mogen we hem nog een keer aan de tand voelen.
Toen de Mazda CX-60 op de markt kwam, waren de verwachtingen hooggespannen. Mazda kennen we immers als een eigenzinnig merk dat zijn eigen koers vaart. De CX-5 had al bewezen dat Mazda een SUV kan bouwen die niet alleen praktisch en comfortabel is, maar ook opvallend goed rijdt. Bovendien is de CX-5 geliefd bij caravanrijders, en dat is niet voor niets.
Met de CX-60 wilde Mazda een stap hogerop zetten. De auto is groter, luxer en duidelijk meer gericht op het hogere middensegment. Bovendien kwam hij met een plug-in hybride aandrijflijn: precies wat veel mensen op dat moment van Mazda verwachtten. Een grote, comfortabele SUV met de kenmerkende rijeigenschappen van het merk en de mogelijkheid om korte ritten volledig elektrisch af te leggen.

Plug-in hybride: veelbelovend, maar met beperkingen
Daar zit echter meteen een van de belangrijkste aandachtspunten van de CX-60 Plug-in Hybrid. De accu is relatief klein. Op papier kun je ongeveer 50 kilometer volledig elektrisch rijden, maar in de praktijk ligt de elektrische actieradius eerder rond de 35 tot 40 kilometer.
Voor stadsverkeer en korte ritten is dat prima. Maar zodra je de snelweg op gaat of hogere snelheden rijdt, loopt de acculading behoorlijk snel terug. Dat is vooral jammer, omdat verschillende concurrenten uit Duitsland en China vergelijkbare SUV’s bieden die op een volle accu 100 kilometer of meer kunnen rijden.
De eerste generatie Mazda CX-60 kende bovendien een wat abrupte overgang van elektrisch naar benzine. Wanneer de 2,5-liter benzinemotor bijsprong, gebeurde dat met aardig wat lawaai, wat niet helemaal past bij het verder verfijnde karakter van de auto. Mazda heeft daar bij de facelift wel werk van gemaakt. De overgang van elektrisch naar benzine verloopt nu veel vloeiender en het voelt natuurlijker aan.
Onder de lange motorkap ligt nog altijd een 2,5-liter viercilinder atmosferische benzinemotor. Die levert voldoende vermogen en koppel, maar moet relatief hoog in de toeren worden gebracht om echt krachtig te zijn. Dat zijn we inmiddels minder gewend, omdat vrijwel iedere moderne benzinemotor tegenwoordig over een turbo beschikt en lagere toerentallen draait.
Bij stevig accelereren hoor je de viercilinder dan ook duidelijk aan het werk. En de geluidsisolatie in de auto had iets beter gekund. Het motorgeluid is niet per se storend, maar het past niet helemaal bij de rest van de auto. Want qua materialen, comfort en uitstraling begeeft de CX-60 zich duidelijk in het premiumsegment.

Verbeterde rijeigenschappen
Een ander kritiekpunt van de eerste CX-60 was de achteras. Die kon vooral op korte oneffenheden te stug en bonkerig aanvoelen. Met name mensen die met een aanhanger reden, merkten daar veel van en klaagden er openlijk over.
Mazda heeft duidelijk geluisterd naar de feedback. Net als de overgang van elektrisch naar benzine is ook de achteras aanzienlijk verbeterd. Op slecht en hobbelig wegdek voelt de auto veel verfijnder aan. Je merkt nog altijd dat je met een zware SUV onderweg bent, zeker wanneer de auto over grotere hobbels beweegt, maar de achteras weet het gewicht nu veel beter op te vangen. Daarmee is een belangrijk kritiekpunt van de eerste versie grotendeels opgelost.
En rijden doet de CX-60 nog altijd zoals je van een Mazda verwacht. De besturing is iets zwaarder dan gemiddeld, maar dat past eigenlijk wel bij de auto. De SUV ligt echt als een blok op de weg. De brede spoorbreedte en lange wielbasis zorgen voor veel stabiliteit.
Je kunt de CX-60 daardoor met vertrouwen door bochten sturen. De auto voelt zelfverzekerd en responsief aan, zonder dat het onderstel oncomfortabel wordt. Juist op lange ritten is dat een prettige combinatie.

Een luxe en hoogwaardig interieur
Ook het interieur is een sterk punt van de CX-60. Mazda heeft duidelijk veel aandacht besteed aan materialen, afwerking en de algemene sfeer aan boord. De stoelen zitten uitstekend en alles wat je aanraakt voelt degelijk aan. De portieren zijn dik en zwaar en sluiten met een stevige klap, bijna alsof je een kluis dichtdoet. Het geeft de CX-60 een solide en hoogwaardige uitstraling.
De exacte materiaal- en kleurcombinatie is natuurlijk een kwestie van smaak. In onze testauto waren lichte bekleding, lichte houtlook en witte stoffen elementen gecombineerd. Persoonlijk zouden wij bij zo’n lichte bekleding eerder voor een wat donkerdere houtkleur kiezen, maar de kwaliteit van de gebruikte materialen staat buiten kijf.
Op het dashboard en in de deurpanelen is bovendien stof verwerkt. Dat klinkt misschien eenvoudig, maar het ziet er in deze uitvoering verrassend hoogwaardig uit.
Een ander sterk punt is de bediening van het multimediasysteem. Mazda houdt vast aan een fysieke controller op de middenconsole. Die ligt precies binnen handbereik wanneer je je arm op de middenarmsteun laat rusten. Daarmee kun je vrijwel alles van het infotainmentsysteem bedienen zonder dat je voortdurend naar het touchscreen hoeft te reiken.
Het scherm zelf is relatief laag en breed en werkt prima, maar het grote voordeel is dat je het tijdens het rijden eigenlijk nauwelijks hoeft aan te raken. Dat werkt intuïtief en voorkomt onnodig afgeleid kijken.

Veel comfort en uitrusting
De Mazda CX-60 is bovendien rijk uitgerust. In onze Homura-uitvoering zijn onder andere verwarmbare voor- en achterstoelen, geventileerde voorstoelen, stuurwielverwarming en een groot panoramadak aanwezig. Er is ook een 220V-aansluiting inclusief een geaard stopcontact in de bagageruimte. Handig wanneer je onderweg iets wilt aansluiten.
Ook voor wie een aanhanger of caravan trekt, heeft de Mazda CX-60 interessante eigenschappen. De auto biedt een hoge trekcapaciteit en is leverbaar met een elektrisch wegklapbare trekhaak. Via het menu kun je bovendien een speciale trekmodus selecteren, waarbij de verschillende systemen rekening houden met het rijden met een aanhanger.
Daarnaast zijn er verschillende rijmodi, waaronder Sport, EV en een offroadmodus. De CX-60 beschikt immers over vierwielaandrijving. In de offroadmodus wordt de aandrijfkracht over de vier wielen verdeeld en kunnen de elektronische systemen de auto helpen om op een gladde of onverharde ondergrond gecontroleerd zijn weg te vervolgen. Er is zelfs een downhill assist voor gecontroleerd afdalen van steile hellingen.

Lange ritten en brandstofverbruik
Op lange afstanden komt de CX-60 goed tot zijn recht. Het comfort, de uitstekende stoelen en de rustige wegligging maken het een prettige auto om uren achter elkaar mee onderweg te zijn. De relatief kleine brandstoftank van ongeveer 40 liter lijkt in eerste instantie een nadeel. In combinatie met de beperkte elektrische actieradius zou je verwachten dat je regelmatig moet stoppen om te tanken.
In de praktijk valt dat mee. Eenmaal op de snelweg heeft de beperkte elektrische actieradius namelijk weinig betekenis. Je gaat de CX-60 immers niet na iedere 30 of 40 elektrische kilometers langs de snelweg aan een laadpaal zetten. Tijdens onze rit raakte de accu dan ook al snel leeg en reden we vervolgens vooral op benzine verder.
Het gemiddelde verbruik kwam desondanks uit op ongeveer 7,9 l/100 km. Voor een zware SUV met 327 pk en vierwielaandrijving is dat netjes. Het zegt ook iets over de efficiëntie van de atmosferische benzinemotor, ondanks het feit dat hij bij stevig accelereren flink toeren moet maken.

Slim omgaan met de accu
De CX-60 biedt overigens een handige mogelijkheid om de resterende acculading te bewaren. Via een knop op de middenconsole kun je ervoor kiezen de energie in de accu zoveel mogelijk te sparen.
Dat is bijvoorbeeld handig wanneer je eerst een lang stuk snelweg moet rijden en pas later volledig elektrisch door een stadscentrum of woonwijk wilt rijden. De auto gebruikt dan vooral de benzinemotor en houdt de elektrische energie zoveel mogelijk achter de hand.
Het systeem is dus niet alleen gericht op zo veel mogelijk elektrisch rijden, maar geeft je als bestuurder ook de mogelijkheid om zelf te bepalen wanneer je de beschikbare elektrische energie wilt inzetten.
In de EV-modus kan de CX-60 volledig elektrisch rijden tot ongeveer 130 km/u. In de praktijk is de elektrische actieradius echter de beperkende factor. Voor korte dagelijkse ritten kan de plug-in hybride daardoor interessant zijn, maar voor langere afstanden is het vooral een krachtige benzine-SUV met elektrische ondersteuning.

Conclusie
De Mazda CX-60 Plug-in Hybrid is qua aandrijftechniek niet de meest overtuigende plug-in hybride in zijn klasse. Vooral de relatief kleine accu en daarmee beperkte elektrische actieradius vallen op. Ook de atmosferische benzinemotor en het daarbij behorende motorgeluid passen niet helemaal bij het verder luxe en verfijnde karakter van de auto.
Tegelijkertijd heeft Mazda met de facelift duidelijk naar kritiek geluisterd. De achteras is comfortabeler geworden en de overgang van elektrisch naar benzine verloopt verfijnder dan voorheen.
Daar komt bij dat de CX-60 nog altijd veel sterke eigenschappen heeft. Het design is onderscheidend, het interieur voelt hoogwaardig aan, de stoelen zijn uitstekend en de auto rijdt stabiel en overtuigend. De bediening van het multimediasysteem met de fysieke controller blijft bovendien een van onze favoriete oplossingen in de huidige autowereld.
En misschien is dat uiteindelijk precies waarom de CX-60 zo interessant blijft. Het is geen perfecte plug-in hybride, maar wel een bijzonder prettige, luxe en capabele SUV die vooral op lange afstanden goed tot zijn recht komt.
