Gespot: een BMW Isetta uit 1961
Klein maar fijn
|
|
Door Niels Janson . Autoliefhebber in hart en nieren. Heeft een brede interesse en houdt van bijna alle soorten auto's, ook in miniatuur. Heeft in het bijzonder een zwak voor oude Amerikanen en rijdt zelf met plezier in een Buick Regal uit 1994. |
AutoRAI.nl
Zogeheten micromobiliteit is in opkomst, maar was in de jaren ’50 al even gemeengoed. Aan die tijd herinnert deze BMW Isetta.
In stedelijke gebieden is micromobiliteit in opkomst. Daarbij gaat het veelal om zeer compacte elektrische voertuigen. Een bekend voorbeeld, weliswaar in de hogere prijsklasse, is de Micro Microlino (rijtest). Een moderne reïncarnatie van de Isetta, die werd verkocht onder verschillende merknamen.
Het gespotte exemplaar
De meest bekende daarvan is de BMW Isetta. Dat is ook de versie die wij tegenkwamen in het Noord-Hollandse dorp Hoogwoud. Het gaat om een laat exemplaar, uit 1961. Of in ieder geval: het autootje draagt een kenteken dat in dat jaar is uitgegeven. Zowel bij de RDW als bij een andere kentekenwebsite levert een kentekencheck geen resultaten op, dus de registratie lijkt niet meer geldig. Daarmee hebben we ook niet zo veel over dit specifieke exemplaar te vertellen, maar de Isetta in het algemeen is wel een interessant verhaal.
Betaalbare mobiliteit
De jaren ’50 waren in Europa de jaren van de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog. De behoefte aan mobiliteit nam toe, maar er was schaarste aan materiaal en de gemiddelde consument had ook lang niet altijd het budget voor een volwaardige auto. Het resultaat: een opleving van het segment van zogeheten ‘micro cars’, of dwergauto’s. Een van de meest bekende modellen is de Isetta.
Het wagentje kwam in 1953 op de markt als Iso Isetta. Iso was een Italiaanse fabrikant van zowel koelkasten als brommers, motorfietsen en (zij het pas vanaf de jaren ’60) ook sportauto’s. De naam Isetta betekende simpelweg ‘kleine Iso’. Het model werd met enthousiasme ontvangen, maar kreeg al snel sterke concurrentie van de vernieuwde Fiat 500 (de Topolino, de voorganger van de nu meer bekende 500), die ook betaalbaar was maar toch ‘meer auto’. Iso besloot zich te richten op een nieuwe sportwagen en de productie van de Isetta stopte na zo’n 1.000 exemplaren in 1956.
De Italiaan wordt een BMW
Toch was dat niet het einde van de Isetta, want in Europa en Zuid-Amerika werd die in licentie nog verder geproduceerd door enkele andere fabrikanten. De meest bekende daarvan is BMW, dat de auto vanaf 1955 produceerde en daar (tot en met 1962) ook het langst mee door ging. BMW kocht daarvoor niet alleen de productielicentie, maar nam ook de productiemiddelen voor de carrosserieën over.
Bovendien deed BMW meer dan simpelweg het bestaande model produceren. De basis bleef gelijk, maar bijna ieder onderdeel werd zodanig doorontwikkeld dat de originele Iso en de BMW Isetta bijna geen onderdelen gemeen hadden. Ook monteerde BMW een iets grotere en krachtiger motor, al ging het nog steeds om een 247 cc eencilinder met 8,8 kW (12 pk).
In West-Duitsland was de BMW Isetta te rijden met een motorfietsrijbewijs. In 1956 werden de regels op dat gebied wel wat aangepast, evenals die van voertuigbelasting. Kort gezegd ontstond er markt voor de BMW Isetta 300: met een grotere motor, maar nog onder de limiet van 300 cc. De 297 cc eencilinder leverde 9,6 kw (13 pk). Dat maakte de auto nauwelijks sneller, maar bood net wat extra reserve op bijvoorbeeld hellingen.
In 1956 werd de carrosserie aangepast: de bolle zijraampjes maakten plaats voor iets lagere, maar langere en strakkere exemplaren. In deze vorm bleef de BMW Isetta nog tot 1962 in productie. BMW bouwde er een stuk meer dan Iso: in totaal ruim 160.000 exemplaren.
Reddingsboei voor BMW
De BMW Isetta speelde bovendien een belangrijke rol in de algemene geschiedenis van het merk. BMW verkeerde halverwege de jaren ’50 in financieel zwaar weer. De luxe modellen zoals de BMW 501 en 507 waren kostbaar om te ontwikkelen en verkochten onvoldoende. De relatief goedkope Isetta bleek juist een verkoopsucces en zorgde zo voor de broodnodige inkomsten. Het autootje redde BMW niet in zijn eentje, maar gaf het merk wel de financiële ademruimte om te overleven tot de komst van nieuwe, succesvollere modellen begin jaren ’60. De Neue Klasse-modellen van toen waren pas écht de redding van BMW.
Nog meer varianten
Er was nog meer variatie, want van 1957 tot en met 1959 bood BMW ook nog de 600. Gepositioneerd als een op zichzelf staand model, maar feitelijk een verlengde versie van de Isetta, met een 582 cc boxermotortje achterin.
Daarnaast werd de BMW Isetta van 1957 tot en met 1962 op zijn beurt ook weer in licentie geproduceerd, door Isetta of Great Britain. Natuurlijk was die versie rechts gestuurd, maar dat betekende ook dat bestuurder en motor aan dezelfde kant zaten. Daarom had de Britse versie een extra contragewicht aan de linker kant. Naast nog wat kleinere details, onderscheidde de Britse Isetta zich ook met een versie met maar één achterwiel. Dat maakte hem minder stabiel, maar zorgde ook voor een belastingvoordeel en maakte het mogelijk om hem met een motorfietsrijbewijs te rijden.