Max Verstappen versus 100 karters: 2 Nederlanders op het podium!
In gesprek met Jacky Martens, die Max bijna versloeg
|
|
Door Bart Oostvogels . Hoofdredacteur AutoRAI.nl. Een échte nieuwsjager en liefhebber van auto’s. Hoe lichter, hoe beter! Als het maar wielen heeft. |
AutoRAI.nl
Hoe maak je het Max Verstappen moeilijk in een kart? Zet honderd coureurs voor zijn neus en laat hem helemaal achteraan starten met de opdracht: haal iedereen zo snel mogelijk in. Tijdens ‘Max vs 100’ op Silverstone haalde Verstappen alle honderd tegenstanders in. En daar had hij slechts veertien ronden voor nodig. Nog leuker is dat er uiteindelijk twee Nederlanders op het podium verschenen.
Max vs 100
Het klinkt een beetje als een discussie die ergens na een paar drankjes ontstaat. Hoeveel gewone coureurs heb je nodig om Max Verstappen te verslaan? Tien? Vijftig? Honderd? Red Bull besloot het gewoon uit te zoeken. Tijdens Max vs 100 werd op het Britse Silverstone een veld van maar liefst 101 karts opgetrommeld. Honderd deelnemers uit verschillende landen mochten vooraan beginnen. Achter hen stond één man: viervoudig Formule 1-wereldkampioen Max Verstappen. Zijn opdracht was simpel: haal ze allemaal in.
Max Verstappen start op P101
De deelnemers waren overigens niet simpelweg honderd willekeurige bezoekers van de plaatselijke kartbaan. Het veld bestond uit een bont gezelschap van onder anderen sporters, contentmakers, streamers, bekende persoonlijkheden, racefans en enkele ervaren coureurs. Alle deelnemers reden met identieke karts. Voor het evenement werd bovendien een speciaal circuit aangelegd dat een deel van de kartbaan van Silverstone combineerde met delen van het Grand Prix-complex. Om het Verstappen niet té makkelijk te maken, konden de honderd uitdagers bovendien gebruikmaken van een eenmalige kortere route. Verstappen kreeg die mogelijkheid pas later in de wedstrijd. En dan was er natuurlijk dat kleine detail van zijn startpositie: P101.

64 coureurs voorbij in één ronde
Honderd auto’s inhalen zou zelfs voor Verstappen enige tijd moeten kosten. Dat was althans het idee. Na de eerste ronde kon ongeveer twee derde van het deelnemersveld dat idee alweer vergeten. De openingsronde veranderde namelijk in een behoorlijke chaos. Karts kwamen met elkaar in aanraking, deelnemers raakten van de baan en op sommige plekken ontstonden opstoppingen. Verstappen laveerde er tussendoor en had na één ronde al 64 tegenstanders ingehaald. Een Full Course Yellow moest vervolgens tijdelijk voor wat orde zorgen.
Van P101 naar grofweg P37 in één ronde. Niet slecht voor iemand die naar eigen zeggen vooraf vooral benieuwd was hoeveel chaos honderd karts tegelijk zouden veroorzaken. Daarna ging het snel. In ronde vier waren er nog maar ongeveer 25 tegenstanders over en enkele ronden later reed Verstappen al bij de eerste vier. Zelfs een uitstapje over een kerbstone, waarbij zijn kart wat onderdelen verloor, kon de opmars niet stoppen.
Laatste drie tegelijk opjagen
De laatste deelnemers waren uiteraard wat lastiger te pakken. Met minder verkeer op de baan hadden zij eindelijk ruimte om tempo te maken en ondertussen werd geprobeerd de achtervolging nog wat spannender te maken. Het mocht niet baten.
Verstappen sloot uiteindelijk aan bij de laatste drie overgebleven coureurs en rekende ook met hen af. Twee tegenstanders werden bij één aanval verschalkt, waarna ook de laatste leider eraan moest geloven. Daarmee was de opdracht voltooid. Veertien ronden en ongeveer 35 tot 37 minuten nadat hij helemaal achteraan was begonnen, had Verstappen alle honderd deelnemers ingehaald. Voor een uitdaging die maximaal dertig ronden mocht duren, was dat behoorlijk efficiënt. Over de boordradio volgde een inmiddels voorspelbare conclusie: “Simply lovely.”

Jacky Martens, Formule 1-verslaggever bij De Limburger
Maar ja, wie is er dan na Max Verstappen geëindigd? Dat is Jacky Martens, Formule 1-verslaggever bij De Limburger. Hij had allereerst al pole position te pakken. Hij reed de hele op koppositie, alleen zakte op een gegeven moment terug naar de derde positie. Max Verstappen haalde hem in, maar Jacky kreeg van de raceleiding de opdracht om achter Max te blijven hangen. Jacky vocht zich weer terug richting koppositie en werd uiteindelijk als laatste ingehaald door Max. Een mooie tweede plaats dus op het podium en twee Nederlanders op het podium.
“Het was echt een absurde ervaring”, vertelt Jacky in een reactie aan AutoRAI.nl. “Eerst P1 pakken tijdens de kwalificatie en vervolgens ook nog als laatste ingehaald worden door Max om zo de tweede plaats te pakken, dat is echt geweldig. Mijn telefoon ontplofte zowat met alle reacties na afloop van de race. Interviews, radio, kranten, echt gekkenhuis, maar wel een geweldige ervaring die ik niet had willen missen.”
Tijdens de race kon je ook gebruikmaken van een zogeheten fastlane, waarbij je als deelnemer een deel mocht afsnijden. Dat bleek voor Jacky een levenslijn. “Op een gegeven moment lag ik derde in de race en Max haalde mij in. Van racecontrol kreeg ik te horen dat ik nog steeds in de race zou zitten als ik Max zou inhalen door gebruik te maken van de fastlane, want dat hadden de andere twee overgebleven rijders al gedaan, maar ik nog niet. Dus ik kon hem nog gebruiken. En dat pakte goed uit, waardoor ik weer de koppositie kon pakken in de race. Die gaf ik uiteindelijk niet meer uit handen. Behalve aan Max dan, die mij uiteindelijk wel wist in te halen.”

Grote mond tegen Max
Jacky had kort voor de race nog een ‘grote mond’ gehad tegen Max. Hij zegt: “Ik zat een beetje met hem te dollen. ‘Als ik nu win, dan ben je zeker wel teleurgesteld’, vertelde ik tegen Max voor de race. Nadat Max mij als laatste inhaalde tijdens de kartrace, zwaaide hij en deed hij een ‘blabla’-praatgebaar haha. Daar moest ik enorm om lachen. Uiteindelijk was het een superleuke ervaring om het zo tegen elkaar op te nemen. De race had van Red Bull overigens wel wat langer mogen duren, want ze gingen er niet vanuit dat Max in de eerste ronde al zestig man zou inhalen.”
Terug naar waar het begon
Het evenement was natuurlijk vooral bedoeld als spektakel, maar tegelijkertijd liet het aardig zien waar een groot deel van Verstappens racegevoel vandaan komt. Lang voordat hij Formule 1-auto’s bestuurde, bracht hij jarenlang vrijwel ieder weekend door op kartcircuits.
Juist in een kart draait het om dingen die ook in de Formule 1 van pas komen: grip inschatten, een tegenstander lezen, een gaatje herkennen en binnen een fractie van een seconde besluiten of je erin duikt of niet. Bij Max vs 100 kreeg Verstappen ongeveer honderd kansen om dat nog eens te demonstreren. Of honderd tegenstanders voldoende waren om hem te stoppen, weten we inmiddels. Volgende keer misschien tweehonderd proberen? Dan doen wij ook graag mee.