Het probleem van rijhulpsystemen (ADAS): slaan we door met autoveiligheid?
ADAS: dit kan zo niet langer
|
Door Bart Oostvogels . Hoofdredacteur AutoRAI.nl. Een échte nieuwsjager en liefhebber van auto’s. Hoe lichter, hoe beter! Als het maar wielen heeft. |
AutoRAI.nl
Zijn nieuwe auto’s te veilig geworden? Het aantal rijhulpsystemen – ook wel bekend als Advanced Driver Assistance Systems, kortweg ADAS – is de laatste jaren explosief toegenomen. Vooral door regelgeving, opgelegd vanuit Brussel. De belangrijkste vraag is of we niet zijn doorgeslagen in autoveiligheid. Want als er knoppen in de auto worden geplaatst, om bepaalde systemen snel uit te schakelen, dan moet je je afvragen of regelgevers wel de juiste keuzes hebben gemaakt.
Metafoor voor ontwikkeling autoveiligheid
60 jaar Toyota Corolla – gepresenteerd in het Louwman Museum in Den Haag – demonstreert goed hoe autoveiligheid zich door de jaren heen heeft ontwikkeld. De Corolla wordt al sinds 1966 geleverd en wereldwijd zijn er dik 57 miljoen exemplaren van verkocht. En meer dan 330.000 in Nederland, inclusief Corolla Verso. Geen Auris. Het is dan leuk en vooral interessant om te zien wat er toen en nu allemaal op een Corolla zit. Je mag de Corolla-generaties zien als een metafoor voor de ontwikkeling van autoveiligheid.
Van een auto zonder rijhulp- of veiligheidssystemen naar een auto die helemaal vol zit met sensoren, camera’s en meer. En niet te vergeten: heel veel rijhulpsystemen. Natuurlijk, de meeste systemen kunnen ook uitgeschakeld worden in auto’s. Bij de ene auto is dat makkelijker dan bij de andere. En wat ook opvalt is hoe autofabrikanten omgaan met ADAS.
Honderden nieuwe modellen
Bij AutoRAI rijden we op jaarbasis honderden nieuwe modellen van alle fabrikanten. En dan vallen zaken op, ook bij auto’s uit China. Laten we het eens hebben over adaptieve cruise control.
Adaptieve cruise control, kortweg ACC geheten, is een systeem dat automatisch afstand kan bewaren tot een voorligger. Je stelt net zoals bij een reguliere cruise control een gewenste snelheid in en een volgafstand tot een voorligger.
Grootste probleem van adaptieve cruise control
Het grootste probleem van adaptieve cruise control is dat het systeem je natuurlijke manier van rijden verstoord. De auto houdt vaak al veel te vroeg in ten opzichte van een voorligger omdat het systeem niet is berekend op het drukke verkeer in Nederland. Om te voorkomen dat de auto tempo mindert, moet je daardoor al heel tijdig een rijstrook opschuiven om het gekozen tempo te bewaren.
We spreken uit ervaring dat dit in de praktijk nooit heel prettig werkt omdat je natuurlijke rijlijn wordt verstoord. We ervaren in die gevallen vooral een gevoel van ergernis, omdat de auto afremt terwijl je instinctief weet dat afremmen helemaal niet nodig was. Het is vooral zonde van de energie, want continu afremmen en optrekken kost extra energie. Op een lege weg werkt ACC prima, want er zijn geen obstakels. Maar in druk verkeer rijden we liever met normale cruise control of met een snelheidsbegrenzer.
Waar zijn de normale cruise control en snelheidsbegrenzer gebleven?
Jammer genoeg zijn een normale cruise control of een doodeenvoudige snelheidsbegrenzer in nieuwe auto’s niet altijd aanwezig. Vooral in Chinese modellen schitteren ze van afwezigheid. Gelukkig zijn er uitzonderingen. In de auto als de Toyota Corolla kan je nog kiezen uit een snelheidsbegrenzer, normale cruise control of adaptieve cruise control. Maar dat is eerder uitzonderlijk, dan de norm. Was het maar de norm. Dan had je als bestuurder de vrijheid om een systeem te gebruiken dat jij het prettigst vindt rijden.
Het grootste probleem van alle ADAS-systemen in nieuwe auto’s is dat het afleidend is voor de bestuurders. Alle systemen hebben eigen piepjes en als een auto twintig systemen aan boord heeft, wordt het heel lastig om onderweg te achterhalen waar de auto nu een waarschuwing voor geeft.
Autofabrikanten vinden ADAS ook interessant
Daarbij is het opvallend dat een fabrikant de auto volpropt met rijhulpsystemen, om vervolgens een knop toe te voegen in het interieur om bepaalde systemen de mond te snoeren. Met andere woorden: ze realiseren zelf ook hoe irritant het is. Niet heel logisch, toch?
Verplichte systemen
Even los gezien van sterkere staalsoorten, airbags, gordels en hoofdsteunen, zitten er tegenwoordig heel veel systemen op nieuwe auto’s. En die lijst wordt langer en langer. Dat is niet de schuld van fabrikanten zelf, maar dit wordt opgelegd vanuit Europa, vanuit Brussel dus. Sinds de uitbreiding van de Europese General Safety Regulation – de GSR2 – zijn er heel wat systemen verplicht in nieuwe auto’s.
- ABS
- ESP
- eCall noodoproepsysteem
- Snelheidswaarschuwing
- Botspreventiesysteem
- Rijstrookassistent
- Vermoeidheids- en afleidingsherkenning
- Een Event Data Recorder, de zogeheten ‘zwarte doos’ in de auto
- En Emergency Stop Signal (als een auto een noodstop maakt waarbij de alarmlichten worden ingeschakeld)
- Alcoholslot-voorbereiding
Nog meer systemen
Als aanvulling op die systemen hebben nieuwe auto’s vaak ook nog meerdere systemen in de auto. De lijst is eindeloos
- Automatisch grootlicht
- Lane Departure Alert
- Parkeer- & manoeuvreerhulp
- Achteruitrijcamera met 360-graden beeld
- Acceleratieonderdrukking
- Emergency Steering Assist
- Waarschuwingssysteem voor kruisend verkeer voor en achter
- Uitstapassistent
- Dodehoekassistent
- Rear Seat Reminder System
Doodnormale gezinsauto
En dit zijn dan de systemen van een doodnormale gezinsauto, zoals de Corolla. Moet je nagaan wat er in een S-Klasse, 7 Serie of Volvo EX90 zit. Tesla is met Full Self-Driving natuurlijk een uitzondering op de regel. Dat merk heeft al goed in de vingers hoe autonoom rijden werkt. Maar zover zijn de meeste auto’s nog niet.
EuroNCAP speelt ook mee
Wat ook meespeelt is de EuroNCAP veiligheidsscore. Hoe hoger de score, hoe aantrekkelijker de auto is voor de klant. Zo’n veiligheidsscore heeft niet alleen betrekking op de kreukelzone, maar juist ook steeds meer op deze moderne veiligheidssystemen. Vooral Chinese merken doen er alles aan om de volle punten te scoren en stoppen hun auto’s daarom vaak helemaal vol met alle mogelijke systemen, ook degene die niet verplicht zijn.
We zijn niet tegen ADAS
Begrijp ons niet verkeerd: we zijn helemaal niet tegen ADAS. Heel veel systemen hebben echt hun meerwaarde, zo laten de volgende beelden ook zien. Een botspreventiessyteem met detectie van fietsers, mensen of zelfs dieren, helemaal top! Of een systeem dat de auto afremt bij kruisend verkeer. Je moet er niet aan denken dat je een kind aanrijdt. Nee, bij die systemen ervaren we geen ergernis. Onze ergernis zit vooral bij de snelheidswaarschuwing die bij 1 km/u te snel rijden een keer op keer een waarschuwing geeft, of de rijstrookassistent die actief tegenstuurt op momenten dat dit niet wenselijk is en vooral voor onnatuurlijk stuurgevoel zorgt, en de veel te gevoelige vermoeidheidsherkenning die soms al na twee minuten attendeert op het nemen van een pauze. Onnodige afleiding. Die drie systemen zijn we liever kwijt dan rijk.
Afleiding is niet de bedoeling
Een rijhulpsysteem mag de bestuurder nooit – maar dan ook nooit – afleiden of onrustig maken. En dat gebeurt nu veel te veel. Je zou kunnen zeggen: less is more, helemaal als het gaat om ADAS. Niet voor niets roepen autofabrikanten op tot minder rijhulpsystemen in auto’s. Er komt ook een nieuwe voertuigcategorie: M1E. In die auto’s zijn minder rijhulpsystemen verplicht. Minder afleidend en véél goedkoper. Onder meer de nieuwe Citroën 2CV valt in die categorie en die auto gaat ongeveer 15.000 euro kosten.
Hoe ervaren jullie ADAS?
Een vraag aan jullie: is het een generatie-dingetje dat we zelf nog ‘in control’ willen zijn in een auto? Of hechten jongeren daar juist minder waarde aan? Hoe kijken jullie tegen dit onderwerp aan? Willen jullie meer of minder ADAS? En laat je een auto met bepaalde systemen staan? Of omarm je juist alle vormen van ADAS?