Gespot: een Citroën 10A uit 1933
Franse middenklasse uit de jaren dertig
|
|
Door Niels Janson . Autoliefhebber in hart en nieren. Heeft een brede interesse en houdt van bijna alle soorten auto's, ook in miniatuur. Heeft in het bijzonder een zwak voor oude Amerikanen en rijdt zelf met plezier in een Buick Regal uit 1994. |
AutoRAI.nl
Het is nog steeds winter en dus blijven we nog maar even wachten tot de hobbyauto’s weer naar buiten gaan. In de tussentijd blikken we weer even terug op afgelopen zomer. Toen zagen wij deze mooie Citroën 10A uit 1933.
Het gespotte exemplaar
Wie regelmatig auto-evenementen bezoekt, weet dat op de bezoekersparkeerplaats vaak ook veel moois is te vinden. Zo zagen wij op de bezoekersparkeerplaats van de American Cars Meeting in het Noord-Hollandse Benningbroek deze mooie Citroën 10A uit 1933. De auto is sinds 2020 in Nederland en de huidige eigenaar heeft hem ook al sindsdien in bezit. Verder levert een kentekencheck geen bijzonderheden op, of het zou moeten zijn dat de Citroën officieel zwart met groen is, in plaats van blauw.
De Citroën Rosalie
De gespotte Citroën is onderdeel van wat overkoepelend de Citroën Rosalie wordt genoemd. Een naam die het meest bekend werd van de raceauto die een aantal records vestigde, maar die ook hoorde bij de middenklasse modellen van Citroën. Deze modellijn werd geleverd van 1932 tot en met 1938.
Fiscale pk’s
Binnen de Citroën Rosalie-reeks had je de 8CV, 10CV en 15CV. Dat waren de drie motorvarianten: een 1,5-liter vier-in-lijn, een 1,8-liter vier-in-lijn en een 2,7-liter zes-in-lijn. De CV-aanduidingen verwezen rechtstreeks naar het toenmalige Franse belastingstelsel. Het gaat te ver om die belasting hier helemaal uit te leggen. In ieder geval kwamen deze fiscale vermogens niet direct overeen met het echte vermogen van de motor, maar werden ze op een wat ingewikkelde manier berekend op basis van onder meer motorinhoud en maximale toerental. De bekende Citroën 2CV heeft bijvoorbeeld echt niet maar twee pk. De door ons gespotte Citroën 10CV heeft een vermogen van 25 kW (34 pk).
Hoger in de markt
De Citroën Rosalie-modellen waren de opvolgers van de Citroëns C4 en C6 (die dus niets te maken hebben met de latere gelijknamige modellen). Met de nieuwe Rosalie klom niet alleen de modellijn, maar ook Citroën als geheel een trede in de automarkt. De Rosalie kan in de totale toenmalige automarkt worden gezien als een middenklasser, maar vergeet niet dat autobezit destijds nog lang niet voor iedereen was weggelegd.
De keuze was reuze
Zoals destijds gebruikelijk was er keuze uit behoorlijk wat carrosserievarianten. In de eerste plaats hadden de 8CV, 10CV en 15CV elk een andere wielbasis. Binnen deze drie basismodellen was er keuze uit zes tot acht carrosserievarianten. Bedrijfswagenvarianten tellen we dan nog niet eens mee. Deze veelvoud aan uitvoeringen was mede mogelijk doordat Citroën als een van de eerste Europese autofabrikanten productie aan de lopende band toepaste.
Grote update voor de Citroën Rosalie
In 1934 kwam de revolutionaire Citroën Traction Avant op de markt. Dat was een soort opvolger voor de Rosalie, maar om diverse redenen bleef de Rosalie nog een aantal jaar leverbaar naast de Traction. De Rosalie onderging daarbij iets dat we tegenwoordig een facelift zouden noemen. De grille kwam voor een modernere uitstraling wat schuiner ‘onderuit’ te staan.
Dit ‘faceliftmodel’ werd ook wel aangeduid als de B-serie, of de NH-versie (voor ‘Nouvel Habillage’, letterlijk ‘nieuwe kleding’). Kort daarna werden de 8CV en 10CV vervangen door de 7UA en 11UA, met motoren uit de Traction. Deze versies werden ook wel aangeduid als MI, van Moteur Inversé (‘omgekeerde motor’). Ten opzichte van de Traction waren de motoren namelijk 180 graden gedraaid om zo de achterwielen te kunnen aandrijven. Na 1938 nam de Traction het volledig van de Rosalie over.